Pop / Rock Dance Jazz Wereld Klassiek Hedendaags Podia Festivals Genreboom

minimal music

Overzicht | Geschiedenis | Lijst | Podia | Festivals

Gerelateerd

ambient
electro
hedendaags
instrumentaal
noise
techno

Uitgelicht

Geschiedenis

Midden jaren zestig pikken gitaarbands in New York de principes van het minimalisme op. Op extreem overstuurde gitaren herhalen zij akkoorden, zodanig dat een resonerende drone ontstaat die langzaam lijkt te exploderen. Extremer ingestelde klassieke minimalistische componisten passen dit in de jaren zeventig ook zelf toe. Het zal het veldwerk blijken te zijn dat nodig is voor het ontstaan van de noiserock, die begin jaren tachtig zijn opkomst beleeft. Bands met oor voor 'het liedje', maar die daarin, via extreem oversturen, de drone en hypnotiserende trance een prominente plaats geven. In Nederland is het de Venloze band Gore die in de jaren tachtig de gitaren laat gieren en loeien. Het meest minimalistisch gebeurt dit op hun Wrede, the Cruel Piece (1988). Geluidskunstenaar Remko Scha maakt vanaf 1982 internationaal furore met The Machines, een geautomatiseerde gitaarband waarbij de snaren van op de grond liggende gitaren worden aangeslagen door elektronische aangestuurde ventilatormotoren, ...
Lees meer...

Jeroen Van Veen

De composities van Jeroen van Veen laten zich omschrijven als minimal music met crossovers naar jazz, blues, soundscape, Avant-garde, techno, trance en popmuziek. Niet gemakkelijk in een hokje te plaatsen dus, deze pianist die vaak werken speelt waar je niet alleen als uitvoerende maar ook als publiek een lange adem ... Lees meer...

Belangrijke albums

Machine Guitars van Remko Scha
Status van Unit Moebius
Wrede van Gore

Geschiedenis van Minimal Music

Midden jaren zestig pikken gitaarbands in New York de principes van het minimalisme op. Op extreem overstuurde gitaren herhalen zij akkoorden, zodanig dat een resonerende drone ontstaat die langzaam lijkt te exploderen. Extremer ingestelde klassieke minimalistische componisten passen dit in de jaren zeventig ook zelf toe. Het zal het veldwerk blijken te zijn dat nodig is voor het ontstaan van de noiserock, die begin jaren tachtig zijn opkomst beleeft. Bands met oor voor 'het liedje', maar die daarin, via extreem oversturen, de drone en hypnotiserende trance een prominente plaats geven. In Nederland is het de Venloze band Gore die in de jaren tachtig de gitaren laat gieren en loeien. Het meest minimalistisch gebeurt dit op hun Wrede, the Cruel Piece (1988). Geluidskunstenaar Remko Scha maakt vanaf 1982 internationaal furore met The Machines, een geautomatiseerde gitaarband waarbij de snaren van op de grond liggende gitaren worden aangeslagen door elektronische aangestuurde ventilatormotoren, kabels, boormachines en zagen. The Machines is te zien op podia en in kunstgaleries in Amerika en Europa en onder meer te horen op de door de Amerikaanse minimalist Glenn Branca samengestelde compilatie Just Another Asshole. Het Groningse Kleg komt met door de gitaargeoriënteerde minimalisten geïnspireerde gitaarsculpturen. De band bestaat aanvankelijk uit acht gitaristen, vier saxofonisten, een bassist en een drummer en geniet nog steeds internationale waardering. Ook het anarchistische punkgezelschap The Ex, uit Amsterdam en Wormer, schuwt de noise niet, en laat het, ondanks een steeds breder wordend palet aan invloeden - van etnische muziek tot jazz tot folk -, nog dikwijls flink de kop opsteken. Het oorspronkelijk uit Kroatië afkomstige, Amsterdamse Gone Bald doet daar vanaf de jaren negentig flink aan mee. Rond 1990 ontstaat uit o.a. de noiserock en de postpunk de Shoegazer. Engelse gitaarbands die een muur aan geluid produceren, een welhaast eeuwigdurende drone aan overstuurde gitaren en feedback, waarin melodie en zang nagenoeg verdronken. Een hypnotiserende trance, schatplichtig aan het minimalisme. De benaming voor de stroming verwijst overigens naar de in zichzelf gekeerde houding van de muzikanten op het podium. Op deze leest geschoeid, maar zeer songgericht, gaat Seesaw uit Voorhout te werk, op zijn derde plaat Violent Elegance (2003). Naast harde gitaren is minimalisme ook van invloed op de elektronische muziek. In de jaren zeventig komt de synthesizer op en de pioniers die daarmee aan de slag gaan, passen er de principes van het minimalisme op toe. Oeverloze ritme- en melodiepatronen vol minieme verschuivingen. Dit is deels ook te danken aan het primitieve karakter van de instrumenten, die nog maar weinig mogelijkheden bieden. Pionier in Nederland is Ed Starink. In de in Duitsland onstaande krautrock wordt deze elektronica gekoppeld aan rockmuziek die zelf ook al elementen van het minimalisme bevat (de drone en de hypnotiserende trance). De spacerock hangt daar dicht tegenaan. In Nederland zijn het de van origine Engelse Legendary Pink Dots, Nijmegenaar Martijn de Kleer en het Eindhovense 35007 die zich (onder andere) hiermee bezighouden. Met de komst van de synthesizer ontstaat ook de ambient. Elektronisch getinte muziek die een rustgevende, decoratieve functie heeft. De insteek is muziek die zijn aanwezigheid niet aan de luisteraar opdringt, die volledig versmelt met de omgeving, maar die als op zichzelf staande entiteit wel boeiend genoeg moet zijn om aandachtig te kunnen beluisteren. Voor dat laatste wordt ook geput uit de inzichten van het minimalisme. Niet alleen de Legendary Pink Dots zelf, maar ook diens leden Edward Ka-Spel en The Silverman solo, zijn met ambient actief. Pionier in het genre in Nederland is Rotterdammer Michel Banabila. Tom Holkenborg (Junkie XL) is samen met fluitist Chris Hinze eveneens op dit vlak actief, onder de naam A Forest Called Mu. Zowel ambient als het werk van de synthesizerpioniers laten hun invloed flink gelden in eind jaren tachtig, begin jaren negentig uit de elektronische dansmuziek house voortgekomen nieuwe stromingen als electro en techno. Indirect is het minimalisme daarop dus ook van invloed geweest. Op een pulserende beat worden eenvoudige melodielijnen schier eindeloos herhaald, met slechts kleine variatie. De muziek waarin dit heilig verklaard is, gaat trance heten en onderscheidt zich van het klassieke minimalisme door de elektronische instrumentatie en een meer swingend, dansbaar karakter. De patronen in melodieverschuiving zijn ook niet zo doordacht, zo gecomponeerd. Nederland loopt internationaal goed mee met trance-DJ's en tranceproducers. Armin van Buuren brengt onder verschillende pseudoniemen singles uit (Rising Star, Gig, Alibi, Gimmick, Armin e.a.), waarvan enkele trance, met wereldwijd succes. Barthezz maakt na het winnen van een Vengaboys-remixwedstrijd wereldwijd naam met zijn eerste trancesingle On The Move. DJ Jean bereikt in 1999 een nummer 1 hitnotering met zijn single The Launch. DJ Tiësto is een trance- en technodeejay uit Breda die ook eigen werk uitbrengt, met internationaal succes. Ferry Corsten is de vaandeldrager van de trance in Nederland, met vele singles onder eigen naam en vele pseudoniemen. Rank 1 is het producerduo Piet Bervoets en Benno de Goeij, dat met een flink aantal platen internationaal scoort. Als een van de weinige tranceacts treedt Rank1 ook regelmatig live op. Op gebied van techno is het Haagse Unit Moebius verantwoordelijk voor het ontstaan van een hele scene van lo-fi acid en techno in Nederland, via de labels Bunker en Acid Planet. Techno die erg hoekig en rudimentair kan zijn. De van Unit Moebius afkomstige I-F trekt dezelfde uitgangspunten door naar de electro. Is de eenvoud in de techno (net zoals in de trance en electro) allereerst ook noodzaak - de techniek van het samplen en sequensen laat nog maar weinig variatie in ritme en opbouw toe - later wordt het een bewuste keuze. Met het ontwikkelen van de techniek wordt de elektronische dansmuziek namelijk steeds meer gelaagd en overvloedig gevuld met allerhande geluiden en contraritmes. Niet iedereen vindt dit een juiste ontwikkeling, wat leidt tot een tegenstroming. DJ's, mixers en producers die hun techno kaal strippen, zover tot op het bot als maar kan. Deze vorm van techno gaat minimal, sluit ook aan bij het minimalisme als stroming binnen de kunstwereld, en vindt zijn basis in de Amerikaanse stad Detroit. Een variant die meer in het midden ligt tussen overvol en volledig leeg ontstaat in Duitsland, en luistert naar de naam microhouse. House die nog genoeg ingrediënten bevat, maar dan zodanig gedoseerd dat er ruimte blijkt voor subtiliteit, waardoor de muziek een open karakter heeft.

Minimal music is in oorsprong de muzikale variant van het Minimalisme in de Amerikaanse beeldende kunst (in de jaren 1960 belichaamd door schilders/beeldhouwers/vormgevers als Barnett Newman, Donald Judd, Frank Stella en Sol LeWitt). Het is een verzamelnaam voor de muzikale experimenten van onder meer LaMonte Young, Terry Riley, Steve Reich en Philip Glass. Elk van deze `minimalisten´ legde eigen accenten, maar de verbindende kenmerken zijn: het gebruik van zeer beperkte muzikale grondstoffen (zoals korte melodische en/of ritmische motiefjes, of zelfs de klankvarianten van één enkele toon); de voortdurende herhaling en manipulatie daarvan (veel `minimal´-componisten prefereren de term `repetitieve muziek´); en het achterliggende idee van objectiviteit (de muziek drukt niets meer of minder uit dan wat de luisteraar hoort). Vaak ook, zoals in werken van Steve Reich en John Adams, staat motivische herhaling in dienst van een zeer geleidelijk veranderend klankbeeld (hiervoor wordt ook de term `procesmuziek´ gebruikt).
Minimal music nam afstand van normen uit de Europese muziektraditie. Ze stond haaks op zowel de romantische opvatting dat muziek het ego van de componist uitdrukt als op de strenge toonorganisatie van het serialisme. Des te meer zijn er raakvlakken met traditionele Aziatische en Afrikaanse muziek; Riley verdiepte zich in Indiase raga´s en Reich studeerde slagwerktechnieken in Ghana. Veel minimal-composities van het eerste uur hebben een regelmatige puls die in combinatie met de vaak lange speelduur tijdloosheid suggereert. Voor velen heeft minimal music dan ook een ritueel of zelfs geestverruimend impact.

De eerste belangrijke Nederlandse componist die minimal-procedures gebruikte was Louis Andriessen (1939), na zijn kennismaking in 1962 met Terry Riley. Representatief is Andriessens compositie De Volharding (1972), evenals Hoketus (1977) waarin hij een verband legt tussen minimal en de zogeheten hoketus-speeltechniek uit de 14e en 15e-eeuw. Ook De Staat (1976) en De Tijd (1981) hebben minimalistische elementen.
Een andere Nederlandse minimal-exponent is Simeon ten Holt (1923), die tussen 1976 en 1979 de populair geworden Canto ostinato componeerde, zijn eerste repetitieve compositie voor toetsinstrumenten. Daarna volgden onder meer Lemniscaat (1983), Horizon (1985), Incantatie IV (1990) en Meandres (1995-98). Repetitieve stukken voor piano solo zijn Soloduiveldans II (1986), III (1990) en IV (1998) en Eadem sed aliter (1995).

0 a b c d e f g h i j k l m n o p q r s t u v w x y z *

 

r
 
t
 
Muziekencyclopedie.nl op Facebook Muziekencyclopedie.nl op Twitter

reageer